COMPETITIEREGLEMENT
Bijlage 4
Artikel 1 – Competitiereglement
Gezien de bijzondere aard en omstandigheden van de Nederlandse clubcompetitie moet het
Competitiereglement beschouwd worden als een aanvulling op de Officiële regels voor de oefeningen van het IPF handboek.
Artikel 2 – Aanvang competitie
De competitie vangt aan in september en zal in februari daaropvolgend eindigen. Het inleggeld zal door het bestuur van de NPB worden vastgesteld.
Artikel 3 – Nationale competitiewedstrijden
Artikel 3.1
Alle teams komen gezamenlijk uit in een gecombineerde wedstrijd. Voor zover in de volgende artikelen sprake is van competitiewedstrijden, wordt steeds dit competitiemodel bedoeld.
Artikel 3.1.2
Onder auspiciën van de NPB worden twee nationale clubcompetities gehouden: de competitie powerlifting en de competitie bankdrukken.
Artikel 3.2
De gecombineerde wedstrijden in de competitie powerlifting en bankdrukken worden tweemaal per seizoen gehouden, verdeeld over het eerste en tweede deel van het wedstrijdseizoen.
Artikel 3.3
Per team nemen zes personen deel, waarvan het lichaamsgewicht niet beperkt is. Afhankelijk van het aantal deelnemende teams worden groepen samengesteld. Er wordt naar gestreefd de leden van een team via loting evenwichtig over de groepen te verdelen.
Artikel 3.3.1
De verenigingsteams in de competitie powerlifting en bankdrukken mogen samengesteld zijn uit mannelijke en vrouwelijke deelnemers.
Artikel 3.4
Van ieder team worden de puntenresultaten van de vijf sterkste deelnemers opgeteld voor het eindtotaal van het team.
Artikel 3.5
De rangschikking wordt per wedstrijd vastgesteld met behulp van positiepunten, die een team op basis van het totaalaantal wedstrijdpunten (Wilk’s) krijgt toebedeeld.
Bij de eindrangschikking aan het eind van het wedstrijdseizoen worden de positiepunten van de twee wedstrijden bij elkaar opgeteld. Het team met de meeste punten zal tot winnaar worden uitgeroepen. Bij gelijk eindigen in positiepunten zal het gemiddelde aantal wedstrijdpunten over twee wedstrijden bepalend zijn voor de eindrangschikking.
Artikel 3.5a
Indien bij een gecombineerde wedstrijd twee of meer teams zijn samengesteld uit minder dan vijf
deelnemers, dan wordt de onderlinge rangschikking van de onvolledige teams bepaald door de volgende bepaling:
In de eindberekening over de twee wedstrijden worden de volledige teams gescheiden van de onvolledige teams. Maar, een team dat slechts één keer onvolledig aantrad, komt boven een team dat twee keer onvolledig aantrad.
De rangschikking gebeurt in eerste instantie op basis van positiepunten. In tweede instantie telt het aantal wedstrijdpunten (Wilk’s) voor de eindrangschikking.
Als bijvoorbeeld twee teams in positiepunten gelijk eindigen, dan telt het hoogste gemiddelde resultaat van de wedstrijdpunten bij het bepalen van de eindrangschikking.
Voorbeeld: Dit betreft een bankdrukcompetitie met elf teams.
Er zijn dus te verdelen punten van 11 t/m 1.
1e wedstrijd 2e wedstrijd
Team score positiepnt Team score positiepnt
A 620 11 A 615 11
B 545 10 G 550 10
C 530 9 E 505 9
D 515 8 B 502 8
E 505 7 D 500 7
F 445 6 C* 440 6
G* 440 5 I * 430 5
H 430 4 H* 355 4
I * 425 3 K * 340 3
J * 360 2 F * 310 2
K * 200 1 J * 270 1
Als een team incompleet is, staat er achter de naam een sterretje.
Positie bij gemiddeld resultaat na twee wedstrijden bankdrukken en positie in punten:
Team gemiddeld Team positiepunten
1 A 617,5 1 A 22
2 B 523,5 2 B 18
3 D 507,5 3 E 16
4 E 505 4 D 15
5 G 495 5 G 15
6 C 485 6 C 15
7 I 427,5 7 I 8
8 H 392,5 8 H 8
9 F 377,5 9 F 8
10 J 315 10 J 4
11 K 270 11 K 3
Als teams in positiepunten gelijk eindigen, zoals D, G, C en I, H en F, dan telt het hoogste gemiddelde resultaat in wedstrijdpunten (Wilk’s) bij de eindrangschikking.
Voorbeeld: betreft een powerliftingcompetitie met vijf teams. Er zijn dus punten te verdelen van 5 t/m1
1e wedstrijd 2e wedstrijd
Team score positieptn team score positiepnt
1 A 2076 5 1 C 2223 5
2 B 2058 4 2 B 2197 4
3 C* 1730 3 3 A 2034 3
4 D 1697 2 4 D 1769 2
5 E 1693 1 5 E 1718 1
Positie bij gemiddeld resultaat na twee wedstrijden powerlifting en positiepunten:
Team gemiddeld Team positiepunten
1 B 2127,5 1 B 8
2 A 2055 2 A 8
3 C* 1976,5 3 C 8
4 D 1733 4 E 4
5 E 1705,5 5 D 2
Als teams in de positiepunten gelijk eindigen zoals A, B en C, dan telt het hoogste gemiddelde resultaat in de wedstrijdpunten (Wilk’s) bij de eindrangschikking.
Team C was de eerste competitiewedstrijd powerlifting incompleet. De eindrangschikking is daardoor niet beïnvloed, mede door het goede resultaat in de tweede wedstrijd, er is dus geen verschil tussen de linker- en de rechterkolom. Dit in tegenstelling tot het eindresultaat bij het bankdrukken.
Artikel 4 – Deelname en inschrijfgeld
Verenigingen die aan de competitie wensen deel te nemen, moeten dit vóór 1 augustus (voorstel) van elk jaar aan de competitieleider opgeven. Het inschrijfgeld voor deelname aan de competitie bedraagt 40 euro per team, te betalen aan de NPB. Eveneens moeten de zaal waarin de thuiswedstrijden zullen plaatsvinden en de aanvangstijden van de wedstrijden aan de competitieleider worden gemeld.
Bij alle nationale competitiewedstrijden powerliften/bankdrukken die georganiseerd worden, zal de aanvangstijd 11.00 uur zijn.
Een uitzondering maken op de aanvangstijd kan alleen met toestemming van het bondsbestuur.
Artikel 5 - Overschrijving
Voor aanvang van de competitie is overschrijving van een atleet naar een andere vereniging mogelijk en kan de overgeschreven atleet deelnemen aan de competitie in zijn nieuwe vereniging.
Wanneer een atleet overschrijving aanvraagt terwijl hij reeds aan een bindende wedstrijd in de lopende competitie voor de oude vereniging heeft deelgenomen, kan hij de rest van dat competitieseizoen niet in competitiewedstrijden voor zijn nieuwe vereniging deelnemen.
Artikel 6 – Uitleenprocedure
De competitieleider kan voor aanvang van de competitie een deelnemer toestemming verlenen om op uitleenbasis uit te komen in een team waarvan hij geen verenigingslid is. De toestemming kan alleen worden verleend indien er is gehandeld volgens de uitleenprocedure op formulier nr. P. 001. Deze formulieren zijn op aanvraag verkrijgbaar bij de secretaris, als de vereniging van de lifter die wordt uitgeleend niet zelf deelneemt aan de competitie. De desbetreffende deelnemer of zijn coach zal bij aanvang van de weging de schriftelijke toestemming van de competitieleider aan de scheidsrechter moeten tonen.
Artikel 7 – Bindende wedstrijd
Wanneer atleten gedurende het lopende competitieseizoen eenmaal in een bindende wedstrijd in het eerste team van een vereniging aan een competitiewedstrijd hebben deelgenomen, dan mogen deze atleten gedurende het lopende competitieseizoen niet meer in competitiewedstrijden van het tweede, respectievelijk derde, enz. team van deze vereniging uitkomen. Bij overtreding zullen de punten van de ten onrechte opgestelde atleet in mindering worden gebracht en per gebeurtenis een boete van 20 euro worden opgelegd, te betalen aan de NPB.
Artikel 8 – Bindende inschrijving
De inschrijving van een vereniging is bindend gedurende de competitie. Deze kan alleen gewijzigd worden met toestemming van het bondsbestuur. Tussentijds opgeven van een deelnemer is mogelijk via de competitieleider. Wijziging van inschrijving dient te geschieden via de secretaris van de NPB.
Bij uittreding of terugtrekking van deelname aan de lopende competitie zal een boete worden opgelegd aan de betrokken vereniging van 80 euro, te betalen aan de NPB.
Artikel 9 – Opgave deelnemers
De opgave van de deelnemers en hun verenigingen alsmede hun indeling dienen de goedkeuring te hebben van het bondsbestuur en de competitieleider. De deelnemers en reserves moeten actieve leden zijn.
Artikel 10 – Buitenlanders
Zie artikel 11 wedstrijdreglement.
Artikel 10.1
Deelnemers met een niet-Nederlands paspoort, die woonachtig zijn in Nederland en dit kunnen aantonen door middel van een uittreksel uit het bevolkingsregister, kunnen deelnemen aan de competitie als waren zij Nederlanders.
Artikel 10.2
Buitenlanders die niet woonachtig zijn in Nederland dienen schriftelijk toestemming van hun bond aan de competitieleider te kunnen overleggen, waaruit blijkt dat toestemming is verleend. Bovendien dienen zij jaarlijks voor aanvang van de competitie een gewaarmerkte verklaring over te leggen waaruit blijkt dat zij niet kunnen deelnemen aan een competitie in eigen land, dan wel deelnemen aan een clubcompetitie in enig derde land. Van niet in Nederland woonachtige buitenlanders mogen er maximaal twee per team worden opgesteld.
Artikel 10.3
Zodra buitenlanders zijn ingeschreven als lid van de NPB en in het bezit zijn van een geldige licentie, kunnen zij worden opgesteld in de clubcompetitie.
Artikel 11 – Beslissingswedstrijd
Wanneer aan het eind van de competitie twee of meer verenigingen een gelijk aantal punten hebben behaald, zal een beslissingswedstrijd worden vastgesteld. Dit zal geschieden in overleg met de betrokken verenigingen. Deze wedstrijd moet plaatsvinden in een neutrale zaal.
Artikel 12 – Wilks-formule
De uitslag van de wedstrijd wordt bij de mannen en bij de vrouwen bepaald met behulp van de Wilks-formule.
Artikel 13 – Weging
Artikel 13.1
Bij gecombineerde wedstrijden begint de weging twee uur vóór aanvang van de wedstrijd en duurt anderhalf uur. De inspectie van persoonlijk materiaal mag een half uur eerder aanvangen als de desbetreffende scheidsrechters aanwezig zijn.
Artikel 13.2
Een half uur vóór de vastgestelde aanvangstijd van de wedstrijd moeten de namen van de deelnemers aan de competitiescheidsrechters worden opgegeven, waarna er geen wijzigingen in de samenstelling van de teams meer zijn toegestaan. Zoals omschreven in het Wedstrijdreglement, artikel 10.2 is het toegestaan tot vijf minuten vóór aanvang van de competitiewedstrijd aan de hoofdscheidsrechter/voorzitter wedstrijdbureau of door hem of haar aangewezen personen hun lidmaatschapkaart (licentie) te tonen.
Artikel 13.3
De organiserende vereniging is verplicht twee uur vóór aanvang van de wedstrijd de bezoekende verenigingen in de gelegenheid te stellen de deelnemers te doen wegen.
Artikel 14 – Scheidsrechters
Wedstrijden worden geleid door drie scheidsrechters. Er zal tevens een wedstrijdadministrateur worden aangewezen.
Artikel 15 – Wedstrijdaccommodatie
De wedstrijden moeten plaatsvinden in een daarvoor door het bestuur geschikt geachte zaal of accommodatie. Er moet een arts of gediplomeerde EHBO’er aanwezig zijn.
Artikel 16 – Het houden van wedstrijden
Verenigingen die niet aan de competitie deelnemen, kunnen behoudens toestemming van het bondsbestuur niet in aanmerking komen voor het houden van wedstrijden.
Voorstel: schrappen. Voorleggen aan de ALV.
Artikel 17 – Competitieprogramma
De competitieleider stelt het competitieprogramma vast en wel zo dat de eerste gecombineerde wedstrijd in de eerste helft van het seizoen plaatsvindt en de tweede gecombineerde wedstrijd in de tweede helft van het competitieseizoen wordt gehouden. Zonder toestemming van de competitieleider is het niet toegestaan wedstrijden uit te stellen of op een andere datum te houden dan het programma aangeeft. De competitieleider verleent na overleg met het bondsbestuur indien
mogelijk toestemming.
Artikel 17.1
Verenigingen die geen uitvoering geven aan het vastgestelde programma, zal een geldboete van 40 euro worden opgelegd, te betalen aan de NPB.
Tevens dient een boete van 40 euro te worden betaald aan de organiserende vereniging als tegemoetkoming in de gemaakte organisatiekosten.
Artikel 18 – Organisatiekosten
De kosten van de door de scheidsrechterscommissie aangegeven scheidsrechters komen voor rekening van de deelnemende verenigingen, ieder voor een gelijk deel.
Artikel 19 – Wout van der Toorn-bokaal
De Wout van der Toorn-bokaal is de prijs die aan de teamkampioen powerliften van Nederland wordt toegewezen. Deze bokaal zal een blijvende wisselbeker zijn voor de winnaar van de clubcompetitie powerlifting.
De naam van de winnende vereniging wordt jaarlijks in de bekerplaat gegraveerd met daarachter het jaartal van het wedstrijdseizoen waarin het kampioenschap werd behaald.
Als blijvende herinnering aan de clubcompetitie powerlifting zal door de NPB een blijvende trofee beschikbaar worden gesteld voor de 1e, 2e en 3e plaatsen.
De organiserende vereniging schaft de prijzen aan.
Artikel 19.1 - De bankdrukbokaal
Deze bokaal wordt door de NPB beschikbaar gesteld, en is de prijs die aan de teamkampioen bankdrukken van Nederland wordt toegewezen. Deze bokaal dient driemaal achtereen of vijfmaal in totaal gewonnen te worden om hem in bezit te krijgen.
Als blijvende herinnering aan de clubcompetitie bankdrukken zal door de NPB een blijvende trofee
beschikbaar worden gesteld voor de 1e, 2e en 3e plaatsen.
De organiserende vereniging schaft de prijzen aan.
Artikel 20 – Wedstrijduitslagen
Artikel 20.1
De lijst met uitslagen moet door de organiserende vereniging binnen vier dagen aan de competitieleider worden gezonden.
Artikel 20.2
Indien de lijst met uitslagen te laat of onvolledig wordt ingediend, zal een boete worden opgelegd van 19 euro, te betalen aan de NPB.
Artikel 21 – Deelname buiten mededinging
Artikel 21.1
Bij competitiewedstrijden mogen per vereniging twee deelnemers buiten mededinging deelnemen.
Artikel 21.2
Per vereniging die niet aan de competitie deelneemt, mag bovendien één deelnemer buiten mededinging meedoen. Daarbij dienen de volgende punten in acht genomen te worden.
Aanmelding van de deelnemers dient bij de weging aan de scheidsrechter te geschieden.
De desbetreffende deelnemer dient bij de weging aan de organiserende vereniging een bedrag van
vijf euro te betalen.
Artikel 22 – Clubwedstrijden
Resultaten die tijdens clubwedstrijden of clubkampioenschappen worden behaald, tellen niet mee als kwalificatie en evenmin voor de rangschikking in de topranglijsten.
Artikel 23 – Faalbeurten
In clubcompetitiewedstrijden mag een lifter met drie faalbeurten in een bepaalde oefening de wedstrijd voortzetten en tellen de overige punten mee voor de eindtelling. Deze bepaling is gelijk aan het Technisch reglement NPB, artikel 14, blz 6.
Artikel 24 – Niet-voorziene zaken
In alle gevallen waarin dit reglement en de Officiële regels voor de oefeningen niet voorzien, beslist het bondsbestuur met inachtneming van het wedstrijd- en wedstrijdtechisch reglement en de overige
reglementen van de NPB.
Artikel 25 – Wedstrijdlicenties
Bij de inspectie van de licentiekaart dient goed op de volgende punten te worden gelet:
a. Of het federatienummer en het geldige betalingsjaar klopt.
b. Of er A of B staat vermeld, voor senior – of junior – of erelid.
c. Of de naam van de vereniging waarvoor wordt uitgekomen, staat vermeld.
d. Welke nationaliteit de atleet heeft.
Het ontbreken van bovenvermelde punten, maakt de licentiekaart ongeldig voor deelname aan wedstrijden.
Artikel 26 – Handleiding wedstrijdformulieren
1. De kolommen voor de bondsnummers en lichaamsgewichten spreken voor zichzelf.
2. Indien de atleet “buiten mededinging” aan wedstrijden deelneemt, dienen ook van hem of haar alle gegevens te worden genoteerd: bondsnummer, lichaamsgewicht, coëfficiënt en factor.
3. Indien beurten worden gemist, gelieve dan één diagonale streep door het getal te zetten, zodat het voor de competitieleider goed leesbaar blijft.
4. De coëfficiënt is het getal dat u vindt in de Wilks-formule aan de hand van een bepaald lichaamsgewicht. Dat getal vult u in onder coëfficiënt.
5. De factor verkrijgt u indien het totaal aan kilogrammen wordt vermenigvuldigd met de coëfficiënt. De uitkomst van die vermenigvuldiging is de factor en die schrijft u in de desbetreffende kolom.
6. De factor dient te worden vermeld met twee cijfers achter de komma. Indien het derde cijfer achter de komma 5 of meer bedraagt, dan mag het tweede cijfer achter de komma naar boven worden afgerond.
ð (voorbeeld: 372,708 wordt 372,71)
7. De optelsom van alle vijf factoren is het wedstrijdtotaal van het team. Ook dit totaal wordt met twee cijfers achter de komma genoteerd.
ð (voorbeeld 2051,656 wordt 2051,66)
8. Aan de hand van bijgaand overzicht is een en ander nog een keer verduidelijkt.
Artikel 27 - Algemeen
1. De ontvangende vereniging dient het volledig ingevulde en ondertekende wedstrijdformulier binnen vier dagen op te sturen naar de competitieleider.
2. Bij afwijkingen en/of onregelmatigheden dient de scheidsrechter een compleet rapport eveneens binnen vier dagen te versturen naar de secretaris van de scheidsrechterscommissie.